Dit beeld is onderdeel van de Internationale Beelden Collectie.De man die loopt is een topstuk uit het begin van de moderne beeldende kunst. Rodin was een kunstenaar die zeer realistische beelden maakte. Zo verweten zijn tijdgenoten hem dat hij afgietsels van levende mensen maakte, in plaats van dat hij de beelden uithakte of boetseerde. Zijn L Homme qui Marche is een wat afwijkend beeld, door de onrealistische manier van lopen, met beide benen ferm op de aarde geplant. Het beeld is een samenstelling van onderdelen uit voorstudies voor een beeld van Johannes de Doper, dat hij in 1877 maakte. Hoofd en armen ontbreken, zodat de nadruk ligt op torso en benen, die een beweging suggereren. Het beeld was voor negentiende eeuwse begrippen veel te onaf, te schetsmatig en te geprononceerd. Maar in de twintigste eeuw was het beeld een voorbeeld voor veel moderne kunstenaars. Zij waardeerden de grote expressie van het beeld. Mede door die waardering en door de invloed die het beeld had op latere kunstenaars, is het beeld een ijkpunt in de ontwikkeling van de beeldhouwkunst. Het beeld in Rotterdam is een van de afgietsels die het Musee Rodin tussen 1911 en 1969 produceerde. Het beeld werd aangekocht op initiatief van de Commissie Stadsverfraaiing, nadat het in 1960 was tentoongesteld op de beeldenexpositie in het Rotterdamse museumpark, ter gelegenheid van de Floriade. Het beeld stond vijf jaar lang in de beeldentuin van Museum Boymans- van Beuningen. Na een flinke omzwerving stond het beeld uiteindelijk in 1988 langs de Westersingel en werd in 2001 op het Beeldenterras geplaatst als toets en norm voor een de andere beelden, geabstraheerde mensfiguren in de twintigste eeuwse beeldhouwkunst. De sokkel waarop het beeld staat, is gebaseerd op een situatieschets van het beeld, door Rodin getekend op een foto van de binnenhof van Palazzo Farnese in Rome.